Skip to content

‘Dat hebben we niet nodig hoor…’

Als ik aanbel, hoor ik gestommel op de bovenverdieping. Er wordt niet open gedaan. Ik bel nog een keer, maar ook nu gebeurd er niks. Ook wordt de telefoon niet opgenomen. De buren hebben een sleutel, had ze me in het verleden een keer verteld. Ik haal de sleutel bij de buren en ga naar binnen. Op de bovenverdieping, in de slaapkamer, vind ik ze. Allebei op de grond. Ze vertelt dat ze er al enkele uren liggen. Haar man was midden in de nacht opgestaan om te gaan plassen, maar was gevallen. Door zijn dementie was zijn zicht een stuk verminderd, waardoor hij altijd al een valgevaar had. Zij had hem proberen omhoog te helpen, maar was toen zelf ook gevallen. Ze hadden elkaar warm gehouden die nacht, en een deken van het bed getrokken om onder te gaan liggen. Allebei hadden ze niks, maar omhoog komen lukte ze zelf niet. De telefoon lag in de andere kamer en ze hadden personenalarmering altijd afgehouden; ‘dat hebben we niet nodig hoor’, ik hoor het haar nog zeggen.

Eigenlijk ging het al weken minder goed in huis. Haar man stond al enkele maanden op de wachtlijst voor opname in een verpleeghuis, omdat het thuis steeds moeizamer ging en hij steeds onrustiger werd. Overdag sliep hij vaak en ’s nachts was hij hierdoor wakker. Daarnaast was zijn korte termijn geheugen sterk verminderd, waardoor hij zijn vrouw binnen een halve minuut riep omdat hij haar kwijt was, als ze even naar het toilet was. Ze wilde hem het liefste thuis houden en was vierentwintig uur per dag met haar man bezig. Het was zwaar, maar ze wilde geen afscheid van hem nemen.

Nu is de grens bereikt. Het gaat niet meer. Samen met haar kinderen en de huisarts ga ik het gesprek aan over een spoedopname. Het is geen ideale oplossing, maar een tijdelijke, snelle oplossing om de situatie thuis te ontlasten en meer onder controle te krijgen. Normaal is het doel altijd dat familie een plek naar voorkeur kan uitzoeken, samen met de client, voor de client. Echter, bij een crisisplaatsing, is het de eerste de beste vrije plaats. Niet altijd goed passend, omdat het bijvoorbeeld ver weg is, maar wel gegarandeerd vierentwintig uur per dag toezicht en zorg. En dat is precies wat hij nodig heeft. De kinderen sluiten zich, net als de huisarts, aan bij deze mening. De vrouw ziet zelf ook in dat het eigenlijk niet meer gaat, en geeft dit nu voor de eerste keer schoorvoetend toe.

Er komt beweging. De huisarts belt de crisisdienst en de dienstdoende psychiater komt binnen een paar uur aan huis voor een beoordeling. Ik ben erbij, net als de kinderen. We lichten toe hoe de thuissituatie in elkaar steekt en waar met nu allemaal tegenaan lopen. Haar man reageert nauwelijks en bladert door een fotoboek. Het gaat langs hem heen wat er allemaal gebeurd. De psychiater oordeelt dat een crisisplaats passend is bij de man. Een opname lukt vandaag nog niet, morgen is er plaats. Tot die tijd moeten we dus nog overbruggen. Ik spreek af dat de thuiszorg twee keer extra langskomt die avond, om te ondersteunen waar mogelijk. Een dochter blijft slapen, om zo in de nacht te ondersteunen.

 

Heb je na het lezen van mijn blog kriebels gekregen om te gaan werken of een keer mee te lopen in de (thuis)zorg? Super!

Neem eens een kijkje op de website met de actuele vacatures in de mooiste en meeste huiselijke sfeer van Brabant: Werken in de (thuis)zorg.

No comments yet

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: