‘Een terminaal delier’

Gepubliceerd door jellereijngoudt op

Het terminaal delier. ‘Een toestandsbeeld dat in korte tijd ontstaat, waarbij het bewust zijn is verstoord en er vaak sprake is van verwardheid. Per definitie ontstaan door onderliggend lichamelijk lijden, in de terminale fase.’ beschrijft Pallialine. In mijn (nog korte) carrière heb ik het al veelvuldig gezien. Logisch, want het komt gemiddeld bij 40 tot 90 procent van de terminale cliënten voor; bij 20 procent in een hevig onrustige vorm. Ongelooflijk vaak dus. De ene keer betreft het een vorm waarbij de client rustig op bed ligt en aan de dekens en zijn lichaam plukt, een andere keer probeert de client uit bed te klimmen en schreeuwt alles bij elkaar. De client zelf merkt hier relatief weinig tot niks van. Echter is het voor de naasten een afschuwelijke ervaring, die ze nog lang zal heugen. Er is geen sprake van een comfortabel sterfbed voor de client, en de client kan niet worden gekalmeerd door de aanwezigheid van zijn naasten. Hierdoor verliezen de naasten de grip op de, toch al emotionele, situatie en wordt het afscheid nog moeilijker.

Zo ook bij het gezin waar ik al enige tijd over de vloer kwam. De fysieke situatie van de vrouw in kwestie werd door de jaren heen steeds slechter. Ze heeft een heel pakket aan chronische ziekten. Van nierfalen tot COPD tot hartfalen, de lijst met aandoeningen uit het medisch dossier is ruim een A4-tje vol. Gedurende de laatste paar maanden heb ik regelmatig gesprekken met haar over wat ze nog zou willen in haar leven. We bespreken waar ze energie en plezier uit haalt, en wat ze zou willen als het einde dichterbij gaat komen. Ze is heel duidelijk en stellig: ze wil thuis overlijden. Samen met haar kinderen, partner en de arts maken we hier een plan van aanpak voor. Gezamenlijk besluiten we hoe we er alles aan kunnen doen om thuis de beste zorg te organiseren.

De stervensfase breekt aan en ik hou intensief contact met de huisarts. Om te voorkomen dat de vrouw een terminaal delier gaat krijgen, schrijft de huisarts preventief antipsychotica voor. In een lage dosering, waarbij we eerst kunnen gaan beoordelen hoe ze hierop zal reageren. Ze reageert er goed op, is rustiger en is goed bij de tijd. Ondertussen gaat het iedere dag een stukje minder goed met haar, tot ze uiteindelijk niet meer uit bed komt. We verzorgen haar op bed en zorgen dat ze er comfortabel bij ligt. Het lijkt goed te gaan, ze is comfortabel en geeft aan geen pijn of benauwdheid te ervaren.

Plotseling belt de dochter mij op. Ze vertelt dat haar moeder uit bed wil en bijna niet te houden is. Ik rij direct richting het huis van de vrouw, waar de dochter de voordeur inmiddels al heeft open gezet. Onderweg heb ik telefonisch contact met de huisarts, die me de opdracht geeft om alvast medicatie toe te dienen om de vrouw rustig te maken. De huisarts geeft aan er zo snel mogelijk te zijn. Als ik binnenkom, overzie ik de situatie. De dochter huilt, is in paniek. Haar moeder ligt half in bed, half buiten het bed en ze wil er perse uit. Ik trek de po-stoel dichterbij en laat haar daarop plaatsnemen. Ze zegt dat ze moet plassen, maar als ze eenmaal zit, is het niet meer dan een paar druppels. Hieruit trek ik de conclusie dat de blaasprikkel haar onrustig maakt, en ik breng een katheter in. Vooraf was dit al besproken met de huisarts en hadden we de afspraak gemaakt dat er een katheter geplaatst zou mogen worden als dit nodig zou zijn.

Door de combinatie van de medicijnen en de katheter, herstelt de rust. Echter valt het me op dat ze telkens mijn hand of arm probeert te pakken. Aan de andere kant van het bed grijpt ze ook om zich heen, in het luchtledige. Ik overleg met de huisarts, omdat ik verwacht dat ze de katheter eruit zal trekken als ze zo om zich heen blijft grijpen en plukken. De vrouw is gelukkig nog redelijk aanspreekbaar. De arts vraagt haar of ze het goed vindt als ze in slaap zal worden gebracht, waarop ze toestemt. En dan is het zover: in ons bijzijn neemt de familie huilend afscheid en zegt de vrouw dat het goed is zo. Ik dien de slaapmedicatie toe, waarop ze in een diepe slaap valt, om niet meer wakker te worden.

Heb je na het lezen van mijn blog kriebels gekregen om te gaan werken of een keer mee te lopen in de (thuis)zorg? Super!

Neem eens een kijkje op de website met de actuele vacatures in de mooiste en meeste huiselijke sfeer van Brabant: Werken in de (thuis)zorg

Foto: © Natasja de Vries

Categorieën: Blogs

0 reacties

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: