Skip to content

‘Gespannen? Waarvoor?’

Het begon eigenlijk vrij onschuldig: een kleine achteruitgang. Hij kon iets minder ver lopen dan voorheen, kreeg wat meer last van vermoeidheid en hij merkte dat hij inleverde. Zijn energie werd minder en zijn hartslag trager. Iedere eerste dag van de maand meet hij, naar goede gewoonte, zijn bloeddruk en hartslag op. Sinds hij medicatie had gekregen van de huisarts, was zijn bloeddruk stabiel en lager dan normaal. Het begon met ‘hypertensie’; een moeilijk woord voor een te hoge bloeddruk. Hij minderde met het zout in zijn eten en begon met het maandelijks opmeten van de bloeddruk. Zo kwam hij erachter dan zijn hartslag gedurende de maanden steeds wat langzamer werd. De huisarts stuurde hem door naar het ziekenhuis. Er werd een hartfilmpje gemaakt. Daarna een echo en een scan van het hart. Al vrij snel was de diagnose duidelijk: hartfalen. Het klinkt als een ernstige aandoening, en dat is het ook. Langzaam gaat het hart verder en verder achteruit, tot het hart niet meer sterk genoeg is om het bloed rond te pompen. Een potentieel dodelijk ziektebeeld, waarbij de behandeling voornamelijk gericht is op het voorkomen van erger en afremmen van de achteruitgang.

We zagen hem achteruitgaan. De afstanden die hij, zonder pauzes, kon lopen, werden aanzienlijk korter. Voorheen was het ‘tot de supermarkt’, wat inmiddels tot de brievenbus aan het eind van de straat was geworden (zo’n 300 meter). Dan moest hij wachten, een minuut of vijf. En weer terug, om uitgeput op de bank bij te komen. Het hartfalen was inmiddels van ‘matig’ naar ‘ernstig’ gegaan. De cardioloog in het ziekenhuis had al van alles geprobeerd: van medicatie-wijzigingen en leefstijladviezen tot opereren. De operaties mislukten twee keer en de medicatie sloeg niet goed aan. De leefstijladviezen werden door hem nauwgezet opgevolgd, waardoor de gevolgen enigszins werden ingeperkt. Maar niet voldoende, de achteruitgang ging gestaag verder.

Tot hij, op een dinsdag, een oproep krijgt voor een operatie. In het telefoongesprek met de cardioloog wordt hem verteld wat ze gaan doen, in veel technische termen. Simpel gezegd: de cardioloog gaat een paperclip plaatsen op een hartklep, waardoor deze beter sluit. Hierdoor stroomt er minder bloed onbedoeld terug en wordt het hartfalen geremd. Het klinkt als een simpele oplossing, maar de uitvoering is verre van simpel. De arts gaf toe de operatie via een bloedvat in de lies al honderden keren te hebben uitgevoerd. Echter is dit bij hem niet gelukt en zal dit via de halsslagader moeten. Daar zit het probleem: de arts heeft dit nog nooit op een mens uitgevoerd. In het buitenland is ook relatief weinig ervaring met deze ingreep via de hals, maar de resultaten zijn overwegend positief.

De avond voor de operatie, nemen we afscheid van hem. Het wordt een spannende dag. Hij vindt het niet spannend, of laat het in ieder geval niet blijken: ‘gespannen? Waarvoor?’, vraagt hij verbaasd. Dan geeft hij me een knipoog en glimlacht. Hij heeft er geen moeite mee om zijn lot volledig in de handen van de arts te leggen en heeft alle vertrouwen in de zorgverleners.

De dag van de operatie breekt aan. Hij is rustig en gaat gestaag mee naar de operatiekamer. Hij schudt de arts nog een keer de hand en krijgt een kapje over zijn gezicht. Hij hoort de anesthesioloog nog zeggen ‘slaap lekker meneer’, en dan valt hij in slaap. 24 uur later wordt hij wakker. In de war. In ‘box 7’ op de intensive care. Er zit een slang in zijn neus, een slangetje in zijn nek, in zijn borst en in beide armen. Er is een katheter geplaatst en hij krijgt zuurstof via een kapje. Er wordt hem verteld dat de operatie goed verlopen is, maar hij gelooft er niks van. Verschillende artsen en verpleegkundigen vertellen hem het goede nieuws, maar hij wuift de berichten weg. Het kan niet kloppen dat het gelukt is, omdat hij zich zo slecht voelt en op de intensive care ligt. Tot zijn kleinzoon binnen stapt. Die vertelt hem hetzelfde goede nieuws: de operatie is, zij het met complicaties, geslaagd. Wel is er een gaatje in zijn hartwand geprikt, waardoor hij veel bloed verloren heeft. En hij is verward. Nu zijn kleinzoon hem dit verteld, slaakt hij een zucht van opluchting en valt weer in slaap. Er wordt gestart met medicatie tegen de verwardheid, die goed aanslaat.

Na een week in het ziekenhuis, op zowel de intensive care als de medium care en de hartbewaking, mag hij naar huis. Zonder thuiszorg; want die is niet beschikbaar in de regio. Het ziekenhuis wil hem hierdoor graag nog een paar dagen opgenomen houden, maar als de familie aangeeft de zorg op zich te zullen nemen, gaat het ziekenhuis akkoord met ontslag. Wel moet hij beloven rust te houden, niet de trap op te gaan en zich te laten verzorgen door zijn familie. Hij houdt zich aan de afspraak en mag naar huis.

Deze keer een ander soort blog; een blog die niet is gebaseerd op mijn ervaringen in de thuiszorg. Een blog die is gericht op de toekomst. De beschikbaarheid van de thuiszorg en zorg in het algemeen wordt schaarser en dat is zorgwekkend. Daarnaast een extra bijzondere blog. Deze keer ging het namelijk niet over een client, maar over mijn eigen opa. Hij is mijn inspiratiebron geweest om de opleiding tot verpleegkundige te gaan doen en plukt daar nu zelf, ontzettend dankbaar, de vruchten van.

Heb je na het lezen van mijn blog kriebels gekregen om te gaan werken of een keer mee te lopen in de (thuis)zorg? Super!

Neem eens een kijkje op de website met de actuele vacatures in de mooiste en meeste huiselijke sfeer van Brabant: Werken in de (thuis)zorg

No comments yet

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: