“Het is 1918”

Gepubliceerd door jellereijngoudt op

Het ging al een paar dagen wat minder. We merkten het aan hem. Hij was wat benauwder dan normaal en vergat soms wat kleine dingen. Het was niet erg genoeg om al een huisarts te laten komen, maar we hielden het toch wat meer in de gaten dan normaal.

Twee dagen later krijgt hij koorts. De huisarts ontdekt een longontsteking en schrijft meteen een antibioticakuur voor. Hij heeft al wel vaker een longontsteking gehad en we weten ook wat dat, over het algemeen, met hem doet. Hij wordt wat verwarder en heeft meer kans op vallen. Daarnaast wil hij het liefste in bed blijven liggen en slapen.

Zo ook deze keer. In twee dagen is hij al drie keer gevallen. Zachtjes, op de grond naast het bed of naast de stoel. Hij is wat onzekerder dan normaal tijdens het lopen en vindt het eng om alleen naar het toilet te gaan. We hogen de thuiszorg op naar vijf keer per dag. Het is vaak, maar het is nodig.

Mijn collega belt me op met de vraag of ik halverwege mijn route bij hem wil binnenstappen, omdat ze het niet goed vertrouwd. Als ik de deur open doe, zie ik hem staan: halverwege de woonkamer, broek op zijn knieën en ontlasting aan zijn handen, broek en onderbroek. Het was niet gelukt om zelf naar het toilet te gaan en hij was vergeten dat hij een alarmknop om zijn nek had hangen. Gelukkig ben ik samen met een collega op route en loodsen we hem samen naar de badkamer. Na een grondige wasbeurt en een set nieuwe kleren, ziet hij er weer fris en fruitig uit. Ondertussen stel ik hem verschillende vragen. Weet hij nog welke dag het is? Weet hij wie ik ben? Weet hij ook de datum? De antwoorden zijn wisselend. Hij weet goed wie ik ben, de dag weet hij na even nadenken en een fout ook te noemen. De datum is lastiger. Hij zit er een aantal dagen naast. En als ik naar het jaartal vraag, zegt hij na even nadenken: “het is 1918”.

Al met al maakt hij een verwarde indruk en vraag ik me af of het wel verantwoord is om hem in deze staat thuis achter te laten. Ik overleg met de huisarts en spreek af dat de arts later op de ochtend langskomt voor een beoordeling. Ondertussen moeten mijn collega en ik door, andere cliënten wachten. Dat is het lastige aan de thuiszorg: we moeten door. Hoe ziek iemand ook is, we moeten diegene uiteindelijk achterlaten en verder. Dat is lastig, zeker als er weinig of geen familie in de buurt is.

Heb je na het lezen van mijn blog kriebels gekregen om te gaan werken of een keer mee te lopen in de (thuis)zorg? Super!

Neem eens een kijkje op de website met de actuele vacatures in de mooiste en meeste huiselijke sfeer van Brabant: Werken in de (thuis)zorg

Foto: © Natasja de Vries

Categorieën: Blogs

0 reacties

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: