Skip to content

‘Ik ben zo bang dat ik naar een verpleeghuis moet’

We lopen samen naar de douche. Hij gebogen achter zijn rollator, ik met twee handdoeken en een washand paraat. Nadat ik hem heb gewogen en heb geholpen met uitkleden, zet ik de douche aan. Ik pak zijn handen en begeleid hem naar de douche. Sinds de hersenbloeding lukt het hem niet meer om zonder hulpmiddel te lopen. Minstens eens per twee weken help ik hem. Met douchen, aankleden, wegen, naar het toilet gaan: net wat nodig is.

De douche is op temperatuur en hij gaat op het douchestoeltje zitten. Ik geef hem de washand en hij begint met zijn gezicht. Nadat hij zijn gezicht heeft gewassen, wast hij zijn borst en armen. Hij geeft het washandje aan mij en ik was zijn rug. We praten over koetjes en kalfjes. Tijdens de gesprekken, die ik met hem voer, benader ik hem altijd joviaal en vrolijk. We lachen veel samen, maar hebben ook met regelmaat gesprekken over de meest serieuze onderwerpen. Over zijn dementie, over zijn relatie met zijn vrouw en over de dood. Soms zijn het emotionele gesprekken, waarbij hij met tranen in zijn ogen zijn mening deelt. Ik heb met hem te doen. Ik kom graag bij hem over de vloer.

Plotseling verandert hij het gespreksonderwerp. Hij geeft uit het niets aan dat hij graag thuis wil overlijden. Ik ken hem langer dan vandaag, en weet dat hij over zulke onderwerpen uren kan piekeren. Hij wil thuis blijven wonen, of in ieder geval zolang het kan. Terwijl hij me dit vertelt, kijkt hij me angstig aan. Ik vertel hem dat ik momenteel geen enkele reden zie om te denken dat hij niet thuis zou kunnen blijven wonen. De vorm van dementie die hij heeft, verloopt over het algemeen langzaam. De angst in zijn ogen trekt weg. Ik zie tranen in zijn ogen. Hij pakt allebei mijn handen vast, terwijl ik gehurkt voor hem zit. ‘Dankjewel Jelle, ik ben zo bang dat ik naar een verpleeghuis moet, dat wil ik niet’, zegt hij zacht. Ik knijp in zijn handen en zeg hem nog een keer dat ik geen reden zie waarom hij daar op dit moment heen zal moeten. Het moet een vreemd gezicht zijn geweest: hij naakt onder de douche, terwijl hij mijn handen vast heeft en ik gehurkt voor hem zit. Ik sta op en droog mijn armen af. Daarna geef ik hem een handdoek.

Even later zit hij met een kop thee aan tafel, terwijl ik zijn medicatie sorteer. Toen ik binnenkwam, vond ik hem al wat gespannen. De spanning is nu weg en heeft plaats gemaakt voor opluchting. Hij lacht vrolijk als ik hem zijn medicatie geef. Ik wens hem een fijne dag en hij pakt nog even kort mijn hand vast. ‘Dankjewel he’, besluit hij. Met samengeknepen ogen en een brede glimlach op zijn gezicht.

Heb je na het lezen van mijn blog kriebels gekregen om te gaan werken of een keer mee te lopen in de (thuis)zorg? Super!

Neem eens een kijkje op de website met de actuele vacatures in de mooiste en meeste huiselijke sfeer van Brabant: Werken in de (thuis)zorg.

No comments yet

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: