Skip to content

‘Kun je even helpen?’

We stappen samen binnen bij de laatste vrouw in onze route. Eerder heb ik samen met haar, een stagiaire HBO-Verpleegkunde, een intakegesprek met de vrouw gevoerd. Ze vertelde openhartig over haar aandoening: kanker. Ondanks haar relatief jonge leeftijd, had ze al veel meegemaakt. Ze had huishoudelijke hulp en was door het ziekenhuis bij ons aangemeld voor ondersteuning met onder andere douchen. Ze kon dit nog redelijk zelfstandig, maar dit koste simpelweg zoveel energie dat ze de rest van de dag aan het uitrusten was. De energie die ze liever in haar kinderen wilde steken...

Read more

‘Wilt u liever een dun laken?’

Het is een warme zomerdag, ruim 35 graden. Ik ben weer aan het werk, na mijn vakantie en wordt meteen uit mijn vakantiegevoel getrokken door een ongerust telefoontje van mijn collega. Ze is bij een vrouw van in de tachtig met uitgezaaide kanker. Ze vertelt me dat de vrouw koorts en een hele lage bloeddruk heeft. De vrouw eet al een tijdje niet meer en brengt steeds meer tijd van de dag in bed door. Ik stem met mijn collega af dat ik eraan kom….

Read more

‘Maar hij heeft dementie’

Na een val in huis, was hij in het ziekenhuis terecht gekomen. Hij had een gebroken heup en kon hierdoor minder goed uit de voeten. Het aankleden en het douchen ging moeizamer, vooral vanwege het valgevaar. Hij is niet erg bang om nog een keer te vallen. Dit hoort erbij, zegt hij. Met 'erbij' doelt hij op zijn leeftijd. Hij was net 90 jaar geworden....

Read more

‘Ben je in de buurt?’

'Ben je in de buurt?', vraagt de collega die me opbelt. Ze is bij een vrouw van 86 jaar die niet reageert zoals normaal. Ze heeft de huisarts al gebeld, maar deze adviseerde te wachten en over een uur terug te bellen. Ik rij naar het huis van de vrouw. Bij binnenkomst spreek ik haar aan. Ze reageert door op te kijken, maar zegt niet veel. Als ik een aantal vragen aan haar stel, lukt het haar niet goed om terug te praten. Ze heeft moeite met het vormen van de zinnen en er komen onwillekeurige geluiden uit haar mond in plaats van een normale zin. Het is duidelijk dat er iets aan de hand is....

Read more

‘Waarschijnlijk wuiven ze het weg’

Nadat ik heb aangebeld, doet een vrouw van rond de tachtig de deur open. Ik geef haar een hand en vraag haar of ik binnen mag komen. Voorover gebogen loopt ze voor me uit de kamer in. Haar dochter en man zijn er ook. Haar dochter heeft me gebeld, omdat haar vader al geruime tijd dementie heeft en hierdoor steeds meer vergeet. Voor haar moeder wordt het steeds zwaarder om voor haar vader te zorgen. Echter, geeft zij dit niet makkelijk toe. In het gesprek dat volgt, vertelt ze dat het ze samen nog prima lukt. De casemanager dementie, die het gezin al enkele jaren begeleid, had me hier vooraf al voor gewaarschuwd. ‘Nu zijn ze akkoord met het starten van de zorg, maar waarschijnlijk wuiven ze het weg als je er bent’, had ze verteld.

Tijdens het gesprek valt het me op dat hij stil is. Als ik hem vragen stel, kijkt hij bevestigend zijn vrouw aan. Hij laat haar zoveel mogelijk antwoord geven. Als ik hem een aantal directe vragen stel, waarbij ik erbij zeg dat ik benieuwd ben naar zijn mening, zegt hij geen antwoord te weten. Het maakt hem niet zoveel uit wat er gebeurd, als zijn vrouw er maar achter staat. Deze afhankelijkheid is voor mij best heftig om te zien. Enerzijds merk ik hoe afhankelijk hij is en zich ook zo opgesteld richting zijn vrouw, anderzijds zie ik ook de liefde tussen de twee. Ze willen allebei het beste voor elkaar. De dochter wil dit ook, maar ziet dat het zwaar is voor haar ouders.

Ze houden de zorg af, ze hebben geen hulp nodig. De dochter en de casemanager twijfelen hieraan. Ik zit in tweestrijd. Zal ik meegaan in de wens van het echtpaar en geen zorg inzetten? Of zal ik tegen de wens van het echtpaar in toch sturen om zorg in te zetten, en zo voldoen aan de hulpvraag vanuit de dochter?

Ik besluit een compromis te sluiten. Ik stel voor om eenmalig, zonder verdere verplichtingen, een keer mee te komen kijken tijdens het douchen. Om te zien hoe het gaat. Om te beoordelen of het veilig gaat, en mogelijk kan ik het echtpaar wat tips geven om het nog beter samen te doen. Hiermee gaan ze akkoord. De dochter en casemanager zijn tevreden: er wordt hulp geboden. Ook het echtpaar is tevreden en voelt zich gehoord. Na het douchen zien we wel verder.

Heb je na het lezen van mijn blog kriebels gekregen om te gaan werken of een keer mee te lopen in de (thuis)zorg? Super!

Neem eens een kijkje op de website met de actuele vacatures in de mooiste en meeste huiselijke sfeer van Brabant: Werken in de (thuis)zorg.

‘Ik ben palliatief, nog niet terminaal’

'Ik ben palliatief, nog niet terminaal', zei ze door de telefoon. Oke, ze zal dus vermoedelijk binnen een jaar overlijden, maar nog niet binnen drie maanden. Ik belde om een afspraak te maken voor een huisbezoek. De huisarts had aangegeven dat hij wilde dat er zo snel mogelijk een wijkverpleegkundige langs kwam bij de vrouw. Ze woont samen met haar partner, die flink wordt belast door de toenemende zorgvraag van haar. Zij heeft hartproblemen. Hierdoor is ze bij iedere stap of beweging benauwd. Tijdens het telefoongesprek vertelt ze dat ze verwacht binnen afzienbare tijd volledig in bed te moeten blijven en niet meer uit bed te kunnen komen. Ze is in de afgelopen paar jaar flink afgevallen en eet of drinkt nog maar nauwelijks….

Read more

‘Ik ben zo bang dat ik naar een verpleeghuis moet’

We lopen samen naar de douche. Hij gebogen achter zijn rollator, ik met twee handdoeken en een washand paraat. Nadat ik hem heb gewogen en heb geholpen met uitkleden, zet ik de douche aan. Ik pak zijn handen en begeleid hem naar de douche. Sinds de hersenbloeding lukt het hem niet meer om zonder hulpmiddel te lopen. Minstens eens per twee weken help ik hem. Met douchen, aankleden, wegen, naar het toilet gaan: net wat nodig is.

Read more

‘Het is echt niet uit te houden’

Na zes weken was ze thuis. Ze was in het ziekenhuis geopereerd en had daarna met verschillende complicaties nog weken in het ziekenhuis moeten blijven. Wat een simpele ingreep leek te zijn, viel in de praktijk toch behoorlijk tegen. Onder andere haar leeftijd speelde hierin een rol; ze zou immers eind van het jaar negentig worden. Daarnaast was ze niet erg trouw geweest in het innemen van de medicatie voorafgaand aan de operatie. Ze zag het nut er niet van in om de voorgeschreven pillen te slikken.

Read more

‘Ik wil niet oud worden…’

Het was een rustige, regenachtige zondagmiddag geweest. Ik had een middagdienst zonder stagiaires of collega's. Het was zelfs zo rustig, dat ik na enkele uren begon te denken dat het misschien wel stilte voor de storm zou kunnen betekenen. In die uren had ik het kantoor opgeruimd, stageverslagen van feedback voorzien en een aantal zorgplannen bijgewerkt.....

Read more

‘Wat mag er allemaal mee?’

Al een half jaar ontving hij thuiszorg van ons. De thuiszorg was gedurende het half jaar uitgebreid. Nu kwamen we er twee keer per dag. Iedere keer als ik hem zag, vond ik dat hij hard achteruit ging. We hadden het vrijwel wekelijks over de dood. Over wat hij zou willen, over euthanasie, over het vastleggen van zijn wensen en over waar hij zou willen overlijden. Daarnaast praatten we ook over hele andere dingen: hij vertelde me hoe zijn leven was geweest. Soms praatten we ruim een uur, waarna hij me steevast bedankte en vermoeid zijn bed in kroop. Het kostte hem zichtbaar meer moeite en ik had met hem te doen. Hij had alles voor na zijn dood al geregeld en was er klaar voor, zo zei hij zelf.

Read more