Skip to content

‘Stress en vermoeidheid’

Deel 2:

Een paar dagen na zijn overlijden, ga ik met haar in gesprek. Ze kon er goed over praten. Het gemis was groot, maar ze zag in dat het zo beter was. Hij had niet geleden en dat was het belangrijkste. Ze viel in een groot gat, al haar mantelzorgtaken waren opeens verdwenen. De eerste twee weken kwam de familie dagelijks bij haar op bezoek, vaak meerdere uren per dag. Ook dat minderde. De thuiszorg kwam drie keer per dag bij haar, om oogdruppels toe te dienen. Ik kwam haar vertellen dat we ook dit ging afbouwen, ze zou de oogdruppels zelf toe gaan dienen met een hulpmiddel. Ze vond het een prima idee, meer zelfstandigheid.

De thuiszorg was erbij aanwezig wanneer ze oefende met het hulpmiddel. De eerste week viel tegen; de druppels vielen regelmatig naast het oog in plaats van erin. Begin van de tweede week ging het een stuk beter, het lukt goed. Tot ze viel. Ze struikelde in de gang, kwam met haar hoofd tegen de muur en belandde op de grond. De gevolgen waren groot; een grote blauwe plek rondom het oog en een flinke hoofdwond. Door de bloedverdunners die ze gebruikte, was de blauwe plek de dag erna verder gegroeid. De huisarts werd gebeld en ze mocht op consult komen. De huisarts paste lichamelijk onderzoek toe en zag niet direct een reden om haar naar het ziekenhuis te sturen.

Door de blauwe plek, lukte het die ochtend niet goed om de oogdruppels toe te dienen. De stagiaire die met me mee was, nam dit van haar over. Ze reageerde alert, praatte volop en vertelde wat ze die dag allemaal nog zou gaan doen.

Een uur na ons vertrek, belde haar dochter. Ze had haar gebeld nadat ze was flauwgevallen in de stoel. Gelukkig zat ze al, waardoor ze niet op de grond was gevallen. Hierna is ze verplaatst naar haar bed en daar ligt ze nu. Dochter vertrouwt de situatie niet en belt de thuiszorg, terwijl ze ook zelf in de auto springt. Ik trap het gaspedaal wat verder in en we rijden richting het dorp waar ze woont. Tijdens de rit, die bijna een kwartier duurt, vraag ik de stagiaire naast me wat we gaan doen en wat ze verwacht aan te zullen treffen. We spreken de scenario’s door en we komen tot de conclusie dat de kans op een bloeding in de hersenen relatief groot is.

Via de achterdeur gaan we met de sleutel naar binnen. Ze ligt in bed en reageert redelijk alert op onze aanwezigheid. Ze kan niet precies vertellen wat er is gebeurd, maar praat normaal. We doen een aantal testjes en ik meet haar bloeddruk op. De bloeddruk is hoog, zeker als ik zie welke medicatie ze allemaal gebruikt. Dit, in combinatie met het eerdere hoofdletsel, zijn voor mij alarmsignalen. Ik bel met de huisartsenpost, terwijl de stagiaire bij haar blijft en haar dochter opvangt. De huisarts is het met ons eens; de kans op een bloeding in de hersenen is zeker aanwezig. Hij besluit haar door te sturen naar het ziekenhuis, voor een scan van de hersenen.

Enkele uren later belt de dochter me op. Gelukkig, er is geen sprake van hersenschade. Wat het dan wel geweest is? ‘Stress en vermoeidheid’. Laat haar veel rusten, is het advies van het ziekenhuis. De stress en vermoeidheid die gediagnostiseerd werden, zagen we al bij haar sinds haar man in zorg kwam. De thuiszorg heeft er alles aan gedaan om dit te verminderen, maar op dit moment was het haar toch teveel geworden. Na een aantal weken rust, sterkte ze aan. Ze knapte op. Ja, het verdriet bleef, de dagen waren minder gevuld dan voorheen, maar ze redt zich goed. Ik vind het knap. Eerst enkele jaren steeds meer mantelzorg verlenen en daarna, na ruim vijftig jaar huwelijk, je partner verliezen en je daar doorheen slaan.

Heb je na het lezen van mijn blog toch kriebels gekregen om te gaan werken of een keer mee te lopen in de (thuis)zorg? Super!

Neem eens een kijkje op de website met de actuele vacatures in de mooiste en meeste huiselijke sfeer van Brabant: Werken in de (thuis)zorg.

Foto: © Natasja de Vries

No comments yet

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: