Skip to content

‘Waarvan geniet hij nog?’

Een paar dagen eerder had ik een cursus gevolgd over advance care planning. Advance care planning houdt in dat je vooraf, proactief, met de client en familie gesprekken voert over de wensen en verwachtingen rondom de zorg in de toekomst. Bijvoorbeeld: wil iemand nog naar het ziekenhuis? Wil de client thuis overlijden? Wat zijn normen en waarden die in de zorg meegenomen kunnen worden?

Met regelmaat voer ik hierover gesprekken met clienten en naasten. Echter, ik noemde het nooit advance care planning. Het paste namelijk binnen de gesprekken die ik al voerde. Door de cursus heb ik wel nieuwe vragen ontdekt die ik tijdens zo’n gesprek kan stellen, waarmee het gesprek ook een andere lading kan krijgen.

Vrijdagmiddag. Samen met een collega heb ik een evaluatiegesprek gepland staan met de familie van een client. Zonder de client zelf, omdat dergelijke gesprekken bij haar juist meer onrust opwekken. Ik ben te laat: een andere client ligt in het ziekenhuis en is stervende. Uit gesprekken met deze client weet ik dat ze graag thuis wil overlijden en we doen er op dat moment alles aan om haar naar huis te halen. Als ik binnenkom, verontschuldig ik me dat ik te laat ben. Mijn collega was op tijd en was reeds begonnen met het gesprek. De familie geeft aan dat het geen probleem is en biedt koffie aan. Mijn collega vervolgt het gesprek en ik luister. We hebben het over de negatieve houding van vader, waardoor ook familie wordt beïnvloed. Het lijkt of ze niks goed genoeg kunnen doen. Als hij belt, moeten ze direct komen. Een half uurtje wachten is voor hem dan geen optie. Bij aankomst blijkt zijn vraag dan te zijn of de gordijnen een stukje verder open of dicht kunnen. Familie gaat er met steeds meer tegenzin naar toe. Van die conclusie schrikken ze zelf, ze gingen vroeger zo graag naar vader toe.

Normaal zou ik op een dergelijke vraag inspringen door tips en adviezen te geven over hoe familie hiermee om kan gaan. Nu gooi ik het over een andere boeg en stel een vraag die ik in de cursus heb geleerd: ‘wat zijn de dingen waarvan jullie vader nog geniet in het leven?’. Het blijft even stil. De een denkt de kleinkinderen en achterkleinkinderen, de anderen weten het niet goed. Ik geef het advies om dit eens met vader te bespreken. Wat zijn zaken die hem op de been houden en waar hij nog kracht uit haalt? Mogelijk kunnen we zo achter de vraag komen die schuilt achter zijn negativiteit.

Daarna geef ik alsnog de tips en adviezen die ik in dit soort situaties sowieso zou geven: ga met alle naasten op dezelfde lijn staan. Maak duidelijke afspraken en stel grenzen aan bepaald gedrag. En doe dit in overleg met de zorgverleners, zodat ook zij dezelfde grenzen kunnen hanteren. In eerder gevallen bleek dit heel effectief te zijn.

De hele middag stond in het teken van advance care planning: de vraag rondom het thuis overlijden en het gesprek met de familie. Het werken met advance care planning geeft mij als wijkverpleegkundige ontzettend veel energie en laat zien dat deze gesprekken regelmatig echt het verschil kunnen betekenen. Het resultaat: meer tevreden clienten en naasten en daardoor een betere kwaliteit van zorg.

Heb je na het lezen van mijn blog kriebels gekregen om te gaan werken of een keer mee te lopen in de (thuis)zorg? Super!

Neem eens een kijkje op de website met de actuele vacatures in de mooiste en meeste huiselijke sfeer van Brabant: Werken in de (thuis)zorg. 

No comments yet

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: