Skip to content

‘Wat zullen we doen? Een kuur of insturen?’

Het is maandagmiddag. Mijn collega belt mij op, de vrouw waar ze op dat moment bij is, ziet er grauw uit. Ze heeft het benauwd en voelt een soort drukkende pijn op haar borst. Het is eigenlijk al het hele weekend aan de gang, maar nu is het toch wel een stuk erger geworden. Eigenlijk had ze het niet willen vertellen; ze wil niemand tot last zijn. Daarnaast heeft ze ’s avonds plannen om haar verjaardag te vieren, wat ze natuurlijk niet wil missen. Maar nu is het toch te erg geworden om het te negeren.

Op vraag van mijn collega ga ik naar de woning. De vrouw ligt in bed. Het valt me op dat ze, zonder dat ze zich inspant, al kortademig heeft. Het ademen kost haar veel moeite. Ik zie dat haar neusvleugels bewegen als ze ademt en dat haar borst en buik op en neer gaan. Dit duidt op kortademigheid en dat het haar veel energie kost om te ademen. Ik vraag haar hoe het met haar is, en ze geeft aan dat het niet zo goed gaat met haar. Ik voer een aantal controles uit bij haar en ik luister naar haar longen. Het valt op dat haar bloeddruk een stuk hoger is dan normaal. Daarnaast hoor ik afwijkende geluiden in haar longen als ze inademt. Ik vraag haar of ze het goed vindt als ik met de huisarts overleg wat we kunnen doen. Met enige tegenzin stemt ze in.

Ik overleg met de assistente, die mij doorverbindt met de huisarts. Ik bespreek alle controles die ik heb uitgevoerd en de huisarts stelt me een lastige vraag: wil ik dat hij een antibioticakuur voorschrijft of is het nodig om de vrouw in te sturen naar het ziekenhuis? Aan de ene kant vind ik het een compliment richting mijn professionaliteit; de huisarts neemt mijn observaties serieus en zet me als verpleegkundige echt in mijn kracht. Hij laat zien mij volledig te vertrouwen en af te willen gaan op mijn kennis en kunde. Aan de andere kant is dit een vraag die ik niet eerder gehad heb in zo’n twijfelachtige situatie. Over het algemeen is het heel duidelijk dat iemand wel of niet thuis behandeld kan worden voor een bepaalde aandoening. Nu zit het er echt tussenin. We besluiten om haar niet naar het ziekenhuis te sturen. Daarbij spreken we wel heel duidelijk af dat we haar en haar partner instrueren om niet te wachten met bellen bij verslechtering en meteen naar de arts te bellen. De huisarts schrijft een behoorlijk zware antibioticakuur voor, samen met prednison en een plastablet om ook de bloeddruk te laten dalen. De huisarts complimenteert mij voor mijn adequate handelen en voor mijn input. We spreken af dat we een aantal dagen later telefonisch contact hebben om de situatie te evalueren; ik houd de vrouw nauwlettend in de gaten en voer de controles zo nodig nogmaals uit. Ze kan diezelfde avond gewoon haar verjaardag vieren.

Het scheelt de huisarts een huisbezoek, wat voor de arts natuurlijk prettig en efficiënt werkt. Daarnaast is het prettig voor de vrouw, dat ze minder gezichten aan haar bed ziet en dat de zorgverleners om haar heen optimaal samenwerken. Ook voor mij werkt het ideaal: het voelt heel fijn om door de huisarts zo serieus genomen te worden en zoveel vertrouwen te krijgen van hem. Zo werken we samen aan de beste zorg voor de vrouw,

 

Heb je na het lezen van mijn blog kriebels gekregen om te gaan werken of een keer mee te lopen in de (thuis)zorg? Super!

Neem eens een kijkje op de website met de actuele vacatures in de mooiste en meeste huiselijke sfeer van Brabant: Werken in de (thuis)zorg

Foto: © Natasja de Vries

No comments yet

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: