‘Binnenkort ga ik naar mijn man’

De alarmcentrale belt op en vertelt dat de vrouw in kwestie naar het toilet wilde, maar halverwege zo uitgeput was dat ze geen stap meer kon verzetten. Het gevolg was een natte broek en een plas urine op de vloer. Ze stond nog bij het voeteneind van haar bed, omdat ze niet voor- of achteruit kon. Nadat ik mijn volledige isolatiekleding aan had getrokken, inclusief handschoenen, mondmasker en bril, loop ik bij haar naar binnen. Ze staat met een verwilderd kapsel en lichte paniek in haar ogen in haar natte pyjamabroek bij het voeteneind. Het is aandoenlijk om haar zo te zien staan.

Ik pak de rollator en laat haar hierop zitten, zodat ze even op adem kan komen. Daarna begeleid ik haar terug naar het bed. Ik pak een teiltje met water en ik gooi haar natte kleding in de was. Ik was haar en droog haar af. Het hele avontuur heeft haar uitgeput. Ze ligt verslagen in haar bed. Haar ademhaling is snel en oppervlakkig. Ze ziet bleek, op de rode blosjes op haar wangen van de koorts na. Ik heb met haar te doen. Ze weet dat ze niet meer beter gaat worden. ‘Binnenkort ga ik naar mijn man toe’, zegt ze.

Ze is dankbaar. Dankbaar voor mijn hulp, voor alle goede zorgen die ze de afgelopen jaren heeft mogen ontvangen en voor het fijne leven wat ze heeft gehad. Ze voelt dat het nu niet meer verder kan. Ze eet en drinkt sporadisch nog iets, maar niet meer dan haar wordt aangeboden. De medicatie is vrijwel allemaal gestopt, omdat het geen meerwaarde meer heeft. Ze krijgt wel morfine tegen de pijn en de benauwdheid. Ze pakt mijn hand vast en kijkt me aan. Ik zie tranen in haar ogen en even later ook over haar wangen lopen.

In de dagen dat ik bij haar kom, vraag ik steeds of ik nog iets voor haar kan betekenen. Of ze lekker ligt, of ze geen pijn heeft en of ze niet benauwd is. Geen enkele keer vraagt ze me om hulp of zegt ze wat ik nog voor haar kan doen. Ze is al lang blij als ik even naast haar kom zitten en haar hand vastpak. Even een kort gesprekje, voor ze weer in slaap valt, dat is voor haar meer waard dan welk medicijn ook.

Een week later overlijdt ze. Aan de ene kant haar dochter naast het bed, aan de andere kant ik. Haar dochter heeft me gebeld dat ze net is overleden. Samen met een collega zorgen we ervoor dat ze nog een keer gewassen wordt en dat we de vrouw er netjes en waardig in het bed leggen. Op het nachtkastje naast het bed zet ik een foto van haar overleden partner, zodat ze dicht bij elkaar zijn. Voor altijd.

Wil jij ook ons een handje helpen in deze crisis? Meld je dan nu aan via onze site!

Foto: © Natasja de Vries

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: