Skip to content

‘Jullie hebben het al zo druk’

Ze is al de hele week verkouden. Voor de zorgverleners een teken om met mondmaskers en handschoenen de zorg uit te voeren. Ze heeft geen koorts en ze hoest ook niet. Toch het zekere voor het onzekere; waarbij we het risico op besmetting zo klein mogelijk proberen te houden....

Read more

‘Dat gaan we doen’

De situatie is onwerkelijk. Het ene moment is er nog niks aan de hand, het volgende moment zijn alle grote evenementen afgelast en sluiten winkels de deuren. Op straat is het (gelukkig) steeds rustiger. Het besef van de impact van het virus dringt langzaam bij mensen door. We bereiden ons voor, maar op wat? Op iets onwaarschijnlijk groots: een situatie waarin we als zorgverleners niet iedereen zo goed kunnen helpen als we zouden willen, maar ons best gaan doen om toch zoveel mogelijk mensen te helpen. Het voelt onwerkelijk dat heel Nederland afgelopen woensdagavond voor alle zorgverleners (en andere kritieke beroepen) heeft geklapt....

Read more

‘Het gaat niet meer, ik ben zo moe…’

Ik loop naar de voordeur. Voor ik aanbel, luister ik naar de geluiden die uit het huis komen. Ik hoor ze tegen elkaar schreeuwen. Het geluid komt van boven, maar toch is het buiten goed hoorbaar. Collega’s hoorden regelmatig hetzelfde als zij voor de deur stonden. Het valt ons op dat de vrouw van het echtpaar steeds vaker onrustig is, door haar dementie. Als ze haar man niet ziet, begint ze te roepen om zijn aandacht te krijgen. Het lastige is dat hij hierdoor geen rust krijgt. Ieder moment dat ze thuis is, vraagt het al zijn aandacht. Een aantal dagen in de week bezoekt ze de dagbesteding in de buurt, en twee dagen in de week zijn er kinderen in huis om het echtpaar te ontlasten. Het valt de kinderen ook op dat het steeds lastiger wordt thuis. De situatie wordt onhoudbaar….

Read more

‘Het is geen zondag he’

Terwijl de regen uit de lucht valt, ren ik door de plassen naar de voordeur. De oude, kleine en iets wat gebogen man ziet me via het woonkamer raam aan komen rennen en doet snel de deur open. Binnen is het warm en opgeruimd. De radio in de hoek van de kamer staat zachtjes aan en de muziek vult de gezellige woonkamer. Zijn vrouw ligt nog in bed, zoals meestal het geval is als we in de ochtend komen. Hij vertelt goed geslapen te hebben en ziet er ook uitgerust uit….

Read more

‘Kun je me komen helpen?’

Gedurende de afgelopen maand waren haar wonden erger geworden. Het waren typische doorligwonden, op de stuit, billen en onderrug. Ze lag steeds meer in bed. Om verergering te voorkomen, hadden we eigenlijk al vrijwel alle interventies ingezet die mogelijk waren: een drukverlagend matras, iedere paar uur een andere houding, optimaliseren van het eten en drinken en natuurlijk het verzorgen van de wonden. De wonden werden daardoor iets minder groot, maar de pijn bleef aanwezig. Het eten en drinken ging ook minder goed, en ze kreeg van de huisarts te horen dat ze niet lang meer te leven zou hebben....

Read more

‘Wat zullen we doen? Een kuur of insturen?’

Het is maandagmiddag. Mijn collega belt mij op, de vrouw waar ze op dat moment bij is, ziet er grauw uit. Ze heeft het benauwd en voelt een soort drukkende pijn op haar borst. Het is eigenlijk al het hele weekend aan de gang, maar nu is het toch wel een stuk erger geworden. Eigenlijk had ze het niet willen vertellen; ze wil niemand tot last zijn. Daarnaast heeft ze 's avonds plannen om haar verjaardag te vieren, wat ze natuurlijk niet wil missen. Maar nu is het toch te erg geworden om het te negeren....

Read more

‘Haar lichaam was aan het opgeven’

Het was een sneu gezicht. Een relatief jonge vrouw, alleen in bed, in een huis met veel rommel en de verwarming op 25 graden. Ze bleef het koud houden. Ze rilde. We gaven haar nog een extra deken, maar ook dit leek niet te helpen. Terwijl zij onder drie dekens lag, met een lange broek en een trui aan, voelde ik het zweet over mijn voorhoofd lopen. De huisarts had me gebeld om een morfinepomp te starten en om een katheter in te brengen. Beide verliep probleemloos; samen met een collega bracht ik een katheter in en sloten we de morfinepomp aan. Het ging plotseling hard; we hadden niet zien aankomen dat ze opeens bedlegerig zou worden. Haar huis was hier dan ook niet op aangepast. Er was nog geen verpleegbed aanwezig en ook het matras voldeed niet aan de eisen om 24 uur per dag op te liggen. Het risico op doorligwonden werd met het uur groter. We bestelden met spoed een ander bed, een tafeltje en een ander matras. Binnen drie uur na ons telefoontje, was alles in huis....

Read more

‘Ik vind het lastig voor de familie’

In het donker loop ik bij haar naar binnen. Ze ligt nog in bed en ik hoor haar rustige ademhaling. Ik zet de lamp in de woonkamer aan. De lamp geeft dezelfde hoeveelheid licht als een gemiddeld waxinelichtje, waardoor het eigenlijk nauwelijks lichter wordt. Ik spreek haar aan met haar voornaam en raak haar arm aan. Ze wordt wakker en begint te hoesten....

Read more

‘Heb ik niet te vroeg gealarmeerd?’

Het is weekend. Meestal betekend dit een rustige dienst, met niet teveel bijzonderheden. Zo begon ook deze zaterdagochtend. De zorg was zoals altijd. Het leuke is wel dat in het weekend de mensen meestal wat vrolijker zijn. Er staan leuke afspraken op de agenda en vaak komt familie op bezoek. Hierdoor is de stemming vaak al wat positiever dan doordeweeks....

Read more

‘Dus toch Alzheimer…’

Eigenlijk had iedereen al wel door dat het achteruitging. Hij vergeet steeds meer en wordt ook wel eens boos op zichzelf als hij er achter komt dat hij iets is vergeten. Ofja boos, het was meer frustratie. Echt boos kan hij niet worden. Het is een echte knuffelopa. Zo eentje die je gelijk wilt vastpakken en een knuffel wilt geven, als je hem ziet. Hij is lief voor zijn vrouw, voor zijn kinderen en is heel meegaand met de thuiszorg. Toch gaat het de laatste tijd minder goed, het geheugen gaat achteruit....

Read more